Indirecte lozingen

Wat zijn indirecte lozingen?

Een indirecte lozing is bedrijfsafvalwater dat via het riool naar de rioolwaterzuivering gaat, in plaats van direct naar het oppervlaktewater.

Dit water kan schadelijke stoffen bevatten, zoals zware metalen en PFAS. Die stoffen kunnen problemen geven voor het zuiveringsproces én voor het milieu.

Gemeenten en omgevingsdiensten houden toezicht op deze lozingen.

Waarom is dit belangrijk?

De opgave wordt steeds groter. Vanuit de Europese Kaderrichtlijn Water moeten we vóór 2027 zorgen voor schoner water.

Hierbij ligt de focus op het verminderen van zeer zorgwekkende stoffen, ook wel ZZS genoemd.

Voorbeelden zijn PFAS, medicijnresten en andere chemische stoffen die risico’s vormen voor waterkwaliteit en gezondheid.

Wat doen wij?

Samen met omgevingsdiensten werken we aan een betere aanpak. Ons doel is een duidelijk en werkend kader voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH).

Dat doen we door:

  • beter inzicht te krijgen wat er wordt geloosd;
  • data te verzamelen en met elkaar te delen;
  • versterken van Samenwerking in de Waterketen;
  • en werken aan één uniforme aanpak in de regio.

Veelgestelde vragen

Waarom hebben jullie de pilot gehouden?

De pilot was erop gericht om bij te dragen aan de verbetering van de kwaliteit van het oppervlaktewater en de gezondheid van de inwoners van het gebied.

Wanneer is de pilot gestart?

De pilot is april 2023 gestart en liep tot eind 2023. In het eerste kwartaal van 2024 zijn alle resultaten verwerkt en is er gewerkt aan de afronding van de eindrapportage.

Wie deden er mee aan de pilot?

Omgevingsdienst IJmond, Omgevingsdienst Noord-Holland Noord en Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied en Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. In afstemming met: Provincie Noord-Holland, Drinkwaterbedrijf PWN, Rijkswaterstaat Directie Noord-Holland en namens de 26 gemeentes.

Waar is de pilot gehouden?

In Noord-Holland, in het gebied boven het Noordzeekanaal (dat wordt ook wel Noorderkwartier genoemd) en 26 gemeentes.

Wie heeft de pilot betaald en wat kostte de pilot?

De drie omgevingsdiensten en het hoogheemraadschap hebben de benodigde tijd geïnvesteerd in de pilot. Daarnaast heeft het Interbestuurlijk Programma versterking VTH taken (IBP-VTH) een subsidie verstrekt voor de kosten voor het programmamanagement, inhuur van inhoudelijke expertise en de kosten voor het analyseren van de genomen afvalwatermonsters en ook de opleiding van de toezichthouders. Het subsidiebedrag was € 250.000.

Wat is de volgende stap/aanpak na de pilot?

Na de pilot hebben de uitvoerende partijen verder invulling gegeven op de VTH-taken op indirecte lozingen van bedrijfsafvalwater op de riolering. Onder andere door bedrijfsbezoeken en de productie van twee korte films over wat een indirecte lozing is en waarom deze niet in het riool thuishoort.