Bomenonderhoud en kap langs de wegen van HHNK

Home > Wat doet HHNK? > Wegen > Bomenonderhoud en kap langs de wegen van HHNK

Bomenonderhoud en kap langs de wegen van HHNK

Bomenkap is soms noodzakelijk.

Wij beheren niet alleen 1.400 km wegen, maar ook 67.000 bomen langs die wegen.

Vanaf 1 oktober 2017 gaan we in de gemeenten Koggeland, Medemblik, Hollands Kroon, Opmeer, Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan en Purmerend onderhoud aan bomen uitvoeren en in sommige gevallen ook bomen kappen. Beheer van bomen is een verantwoordelijke taak, waar veel bij komt kijken. Voor ons staat daarbij voorop dat bomen geen gevaar mogen opleveren voor de weggebruikers.

Onderhoud

Om de veiligheid te garanderen is het noodzakelijk bomen te snoeien, soms te kappen en daarna nieuwe bomen te planten. Deskundig en tijdig snoeien van jonge bomen levert een halvering van het onderhoud op latere leeftijd op. We gaan terughoudend om met grootschalige kap; geheel vermijdbaar is dat echter niet. Een oranje of witte stip op een boom wil zeggen dat deze boom gekapt gaat worden. Dit kan om de volgende redenen:

  • Aantastingen door ziektes
  • Ernstige afsterving of dood
  • Instabiliteit
  • Door ernstige schade(aanrijschade)
  • Scheefstand over de weg

Schade aan bomen

We gaan zorgvuldig om met bomen met een monumentale status en we bestrijden o.a. de iepziekte en andere ziekten en plagen, die kostbare bomen vernietigen. Bij schade aangebracht door derden, trachten we deze te verhalen. Om schade aan bomen te voorkomen worden bij de vergunningverlening voor graafwerkzaamheden in de berm voorwaarden opgenomen.

Kapseizoen 2017

Het kapseizoen duurt van 1 oktober t/m 15 maart. In de bovenstaande gemeenten worden in totaal 231 bomen gekapt en een aantal bomen uit het kapjaar 2016 die door de flora en faunawet niet gekapt konden worden. Ca. 150-200 bomen in het gehele beheersgebied zullen worden gekapt als gevolg van ziekte, afsterving of te sterk verminderde conditie. De overige bomen worden gekapt vanwege ziekte of door te slechte conditie, waardoor takken kunnen afbreken. Zij vormen zo een gevaar voor de omgeving. Of er voor de kap een vergunning van de gemeente nodig is geweest, is afhankelijk van de gemeentelijke regels. Een vergunningaanvraag wordt altijd gepubliceerd op de gemeentepagina's in de lokale krant en op de gemeentelijke website.

Populierenkap

Het kappen van populieren krijgt speciale aandacht. Majestueuze bomen die decennialang het wegbeeld bepalen, roepen veel emotie op. Dat begrijpen wij maar al te goed. Toch kunnen we soms niet anders. Na de Tweede Wereldoorlog zijn vooral snelgroeiende soorten ('productiehout') zoals de Canadese populier geplant. Gaandeweg de twintigste eeuw was dat productiehout niet meer nodig en bleven de bomen dus staan; langer dan voorzien en langer dan gezond voor ze is. Populieren maken namelijk een snelle ontwikkeling door, waardoor de kwaliteit van het houtweefsel na 25 jaar afneemt en de kans op takbreuk toeneemt. Zodra in de kroon de eerste sporen van takbreuk zichtbaar zijn, kan worden gesteld dat het aftakelingsproces van de boom is begonnen. De veranderende windbelasting binnen de kroon versnelt dit proces nog eens extra. Het uitbreken van een (grote) tak leidt er namelijk toe dat andere takken meer wind vangen dan voorheen en dus eerder zullen uitbreken. Op deze wijze versterkt het effect zich en kunnen grote delen van de kroon verloren gaan. Door een aantal reguliere snoeibeurten kunnen we nog aan onze zorgplicht voldoen, maar na 40 jaar wordt het in de meeste gevallen zorgelijk. In ons gebied staan nog zo'n 2.000 oude populieren van 40 tot 60 jaar oud. De levensduur van deze bomen (normaal 30 jaar) is dus al aardig opgerekt en het aantal incidenten neemt toe. Daarom kiezen wij hier voor vervanging. Voordat we tot kap overgaan voeren we altijd eerst een ecologische quickscan uit, en waar nodig een ecologisch vervolgonderzoek. Op deze manier werken we volgens de richtlijnen van de Flora- en Faunawet.

Vervanging

Tegenwoordig denken we niet meer in termen als 'productiehout', maar kiezen we liever voor een duurzamer en gevarieerder bomenbestand. Daar waar bomen gekapt zijn, planten we nieuwe bomen terug, waarbij geen enkele boomsoort meer dan 20% van het bomenbestand uitmaakt. Dit om bij onverhoopte ernstige ziekte in die soort een grote kaalslag te voorkomen. We kiezen bij herplanting bij voorkeur soorten die zo min mogelijk gevaar opleveren voor de verkeersveiligheid en relatief onderhoudsarm zijn. We houden daarbij uiteraard rekening met cultuurhistorische en landschappelijke waarden.

Wetgeving

Bij het beheer van de bomen handelen wij in overeenstemming met het Burgerlijk Wetboek, de Boswet en de Flora- en faunawet. In het kader van de wettelijke zorgplicht inspecteren wij de bomen regelmatig volgens de Richtlijn Frequentie Boominspectie. De uitkomsten van die inspecties worden bijgehouden in het Beheerregister beplantingen.